Vreemde vogels in Las Vegas I – De ibis

ibisn ibis2n

Als recente immigrant voel ik me vaak een wat vreemde vogel in Las Vegas. Het is dan prettig als je je kunt identificeren met anderen die hier wat uit de toon vallen. Dat kan een verdwaalde ibis zijn of een Mormoon op bekeringspad in een stad vol zonden…

Deel 1: De ibis

Opeens stond-ie daar, in het gras met zijn poten als lange, net ontsproten twijgen. Een beetje onwennig. Af en toe pikte hij naar iets met zijn gebogen snavel die bijna tot zijn borst reikte. Een witmaskeribis, in hartje Las Vegas. Ver verwijderd van de drassige landjes, de meertjes, de kreken en slootjes waar zo’n vogel haast onopgemerkt samenvalt met het omringende land. Het was volop zomer en met 45 graden zinderend heet. Zo nu en dan gingen de sprinklers aan, maar natter dan dat werd het niet. Ondanks het gebrek aan schaaldiertjes en vis bleef hij drie weken rond ons appartement hangen. Zonder goed gezelschap ook, want de langstaarttroepialen die het gazon als hun territorium beschouwen, mochten hem niet en deden dappere, maar vruchteloze pogingen hem weg te jagen. Eén keer, toen het hem te gortig werd, spreidde hij zijn vleugels in de volle breedte uit en bleef zo tien minuten staan. Een pauw zonder verenpracht, een macho-man zonder teveel spieren. Indruk maakte het wel. De gewoonlijk luidruchtige troepialen waren stil. Daarna lieten ze hem met rust. Dat was fijn, want hij had al een dagtaak aan het vullen van zijn maag met insecten die hij uit het gras pikte. “Ga toch naar de wetlands,” riep ik hem regelmatig toe, “Zo ver is het niet.” 12 kilometer vliegen en hij zat in het paradijs: een wildpark van 1200 ha volop stroompjes en meertjes en boordevol vis.

wetlands    wetlands2

Zelf zoeken wij er vaak onze toevlucht. Het Clark County Wetlands Park, aan de rand van Las Vegas, heeft een verrukkelijk netwerk van 72 km    aan wandel- en fietspaden. De katoenstaartkonijntjes, door ons liefkozend Eliza Doolittles genoemd, zitten er dromerig langs de paden en de helmkwartels stuiven voor je voeten weg, hard achter elkaar aan hollend, altijd netjes in een rijtje, alsof het kommavormige veertje op hun hoofd dat zo bepaalt: helmkwartel, helmkwartel, helmkwartel,…  Bevers knagen er volhardend aan wilgen voor hun dammen. Wasberen schijnen er te wonen, al zijn wij er nooit een tegengekomen, roerdompen ook een coyote sluipt er vrijwel ongezien rond. Er leven honderden soorten vogels, al dan niet op doortrek. Deze zomer hadden wij er nog geen ibis gezien. Wel een roerdomp, die met zijn uil-achtige lijf roerloos in het water stond. In het broedseizoen maakt deze grote moerasvogel een geluid als dat van een verstopte waterpomp.

Het huidige park werd pas in 2001 geopend, maar de wetlands liggen al sinds prehistorische tijden in de vallei die nu Las Vegas heet, en waren een belangrijke vruchtbare plek voor de oude bewoners van dit land. Het stroompje dat vroeger in de Colorado rivier uitmondde, heet nu de Wash en is dankzij de explosief gegroeide stad inmiddels een bijna 20 km lange rivier die in Lake Mead uitkomt. Het gezuiverde afvalwater van 212.000 huishoudens loopt dagelijks de Wash in. Ook overvloedig regenwater uit de kanalen in de stad wordt richting Wash geleid. Als het hier een keer regent, plenst het flink en staan de straten al snel blank, tot grote paniek van veel automobilisten. Het regenwater stroomt met alle olie en andere troep vanaf de wegen de kanalen in om uiteindelijk met dezelfde troep in de wetlands te eindigen. Gelukkig is daar wat slims op gevonden: de vele planten in en rondom het water zuiveren het van alle schadelijke rotzooi. 

Vrijwilligers verwijderen maandelijks de grootste troep die tussen het riet en de waterplanten in de wetlands blijft hangen. We kijken er niet meer vreemd van op dat we, vooral na een storm en daar waar het water het breedst en diepst is, naast heel veel plastic zakken (zonder scrupules uitgereikt door cassières) ook winkelwagentjes (van de daklozen die in de stad naast de kanalen kamperen), kinderspeelgoed en autobanden tussen het riet zien liggen. Aan recycling doet men hier nauwelijks.

Toch gaat het met de Vegas wetlands beter dan ooit. Nadat het gebied in de jaren negentig bijna uitdroogde door erosie, gedijen er nu honderden soorten inheemse bomen, struiken en andere planten die ervoor zorgen dat de vele vogels, reptielen, amfibieën en zoogdieren, waaronder vleermuizen, zich hier net zo thuis voelen als de karpers, groene zonnebaarzen en muskietenvisjes die in de stroompjes rondzwemmen tussen de waterplanten en zo nu en dan op een half vergane elektrische kinderauto stuiten.

Na een week of drie was onze huis-ibis zoek. Ik liep mijn dagelijkse rondje over het terrein van ons appartementencomplex, maar een in het gras pikkende ibis die zenuwachtig wegliep als je te dichtbij kwam, was nergens te bekennen. Was hij op weg naar de kust van Californië of had hij het dichterbij gezocht? De langstaarttroepialen waren in ieder geval tevreden en hadden hun gazon weer terug.

Niet lang daarna bezochten we het Wetlands Park. Het was er vredig. We waren net ontsnapt aan een Mormoon. Zo nu en dan hopte er een Eliza Doolittle over het pad, vinkjes plukten insekten uit de lucht, een geelkopmees zong een drietonig  deuntje. We sloegen een pad in langs de Wash. Voor ons vloog een grote vogel, die aan de rand van het water had gestaan, op. We keken verwonderd naar de langzame slagen van de grote zwarte vleugels, naar de kop met de gebogen snavel. Onze ibis. We wisten het zeker. Verheugd liepen we verder. De ibis was thuisgekomen. butcher-bird

 

 

 

All rights reserved © 2017 Dutch Vegas Life / Mayke Kranenbarg

2 thoughts on “Vreemde vogels in Las Vegas I – De ibis”

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *